Instrumented Interconnecteds Intelligent

Building a Smarter Planet. A Smarter Planet Blog.


 

Posted by
in

IMG_9010Door Rob Nijman, IBM. Deze blog verscheen eerder op http://ibestuur.nl/partner-ibm.


Binnen de relatie tussen de overheid en de ICT-wereld past het niet om al te vaak een “nieuw ICT-tijdperk” uit te roepen. Al was het maar omdat er een gezamenlijke verantwoordelijkheid is om allereerst de projecten en producten van het huidige tijdperk goed te laten functioneren, op een manier die een plezierige relatie bestendigt  tussen de vragende en de aanbiedende partij. Dat daartoe nog werk is te verzetten krijgt ruim aandacht, al mogen we ons ook content tonen met de vele zaken die wél goed gaan.

Toch is het goed om eens stil te staan bij de mooie perspectieven die de nieuwe ontwikkelingen kunnen bieden. Het valt niet te ontkennen dat het ICT-veld op het punt staat een grote nieuwe stap mogelijk te maken. Een stap waarbij begerenswaardige noties als “begrip”, “kennis”, “leren” en communicatie in de eigen taal (soms: jargon) de burger, het bedrijfsleven en de overheid in toenemende mate gebruikersgemak en nieuwe inzichten zullen bieden.

Waar een bedrijf als IBM mede aan de wieg heeft gestaan van programmeerbare en gegevensverwerkende systemen, waarbij computersystemen

a) door mensen gevoed worden met data, kennis en informatie,
b) die data verwerken op een vooraf vastgestelde manier, en
c) vervolgens de uitkomst weer teruggeven op een eveneens vooraf vastgestelde manier,

richt IBM zich nu ook op Cognitieve Systemen. Systemen die in staat zijn om te leren van data, te redeneren en met mensen een interactie te hebben op een manier die ons het beste ligt. Ons vermogen om goede beslissingen te nemen wordt vergroot en we krijgen meer grip op de groeiende hoeveelheid data die verbonden is aan een bepaald probleemveld. Traditionele systemen, die geprogrammeerd zijn om te doen wat ze doen, zijn simpelweg steeds minder in staat om bij te blijven met grote, groeiende, hoeveelheden data in voortdurende beweging.

De belangrijkste karakteristieken van cognitieve systemen zijn dat ze begrijpen, leren, en op een voor ons natuurlijke manier met de mens redeneren en interacteren. Weliswaar op hun eigen (systeem-)manier, maar wel een manier die steeds meer gaat lijken op die van de mens. Een begrip als  “redeneren” zal hier wat sterk overkomen, het gaat erom dat dergelijke systemen in toenemende mate een op die van de mens gelijkende vorm van inzicht vertonen en opbouwen. Hoe meer gelijkenissen er met de mens zijn op dit vlak, des te beter de cognitieve eigenschappen van het systeem.

Veel van onze huidige systemen moeten door mensen “onderwezen” worden, door data, beloningen en vormen van “straf”. In toenemende mate zullen dergelijke systemen in staat zijn om zelf van data te leren, minder afhankelijk van menselijke trainers.

Cognitive Computing is binnen IBM verbonden aan het begrip “Watson”, het systeem dat een paar jaar geleden de amerikaanse kwis “Jeopardy” won van twee menselijke kampioenen. Watson was daarbij niet verbonden aan het internet. Het systeem is ondertussen doorontwikkeld ten behoeve van diverse toepassingsgebieden.

De toepassingsgebieden voor de de publieke sector voor dergelijke systemen zijn talrijk, en zullen ook gaandeweg worden ontdekt en ontwikkeld. Ik noem een paar voorbeelden die in recente contacten met geïnteresseerden op dit gebied zijn ontwikkeld. Cognitive Computing blijkt velen te inspireren:

  • Zaakdossiers
    (pre-)Analyses van dossiers, bijvoorbeeld in de strafrechtketen, die het mogelijk maken dat de (menselijke) professionals sneller met hun eigen vooralsnog oninwisselbare bijdrage (en eindverantwoordelijkheid) kunnen beginnen. En dus productiever kunnen zijn.

  • Parlement of Gemeenteraad
    Een burger zoekt een fragment van een debat in het video-archief, en heeft slechts wat diep menselijke omschrijvingen: dit onderwerp, ik dacht die partij maar weet niet zeker, woordvoerder was een man, oh ja, hij was kaal…
  • Regels en beleidsdocumenten
    Krijg op basis van (wederom) Content Analyse meer grip op de inhoud van de veelheid van beleidsdocumenten, zie de verhoudingen daartussen op basis van tekstanalyse en kijk wanneer nieuw beleid of regelgeving overbodig is.
  • Output en toegankelijkheid
    (Open) Data van een overheidsorganisatie beter vindbaar laten zijn, waarbij meerdere bronnen geraadpleegd kunnen worden en het systeem vragen stelt in begrijpelijke taal die ondersteunen bij het vinden.

De ICT-industrie is een pad opgegaan dat zal leiden tot systemen met toenemende cognitieve capaciteiten. IBM voorziet vier brede toepassingsdomeinen die gezamenlijk een basis voor verdere gedachtenwisseling en ontwikkeling vormen. Juist ook omdat ze direkt raken aan de wijze waarop mensen, vaak in gezamenlijkheid, denken en werken.

  • Assistentie
    Ontwikkel diep inzicht in een bepaald domein en biedt deze informatie aan op een tijdige, natuurlijke en handzame wijze. Voor sommige domeinen is het volume, de beweeglijkheid en de gevarieerdheid in vorm van informatie groter dan door mensen is te bevatten. Hier speelt het cognitieve systeem de rol van assistent.
  • Een groei in mogelijkheden brengt ons op het niveau van Begrip, waarbij  modellen in beeld komen. Systemen beginnen modellen te bouwen, van zichzelf, hun gebruikers en de wereld. Modellen waarmee cognitive agents aan de slag kunnen.
  • Een volgende niveau is het niveau van Besluitvorming, op weg naar het moment dat wij de systemen kunnen vertrouwen en op hun oordeel kunnen varen. Een goede ontwikkeling, want het zijn immers vooroordeelvrije oordelen en beslissingen, maar voordat we zover zijn moet er nog veel gebeuren: er moeten standaarden in gebruik genomen worden die bepalen of we machines en systemen kunnen vertrouwen, en de beslissing moet herleidbaar zijn.
  • De hoogste sport van de cognitieve ladder is Ontdekking / Discovery, wanneer we systemen beginnen te bouwen die inzichten blootleggen op een niveau dat nu wellicht alleen haalbaar is voor de meest briljante vertegenwoordigers van de mensheid.  En toch zonder enige magie: het inzicht en de verbindingen worden gecreeerd op op basis van begrip van de wereld om ons heen en  door om te gaan met zeer grote hoeveelheden informatie.

De ontwikkelingen zijn indrukwekkend en de verleiding om over  toepassingen na te denken is groot. In de komende periode zullen verdere stappen worden gezet naar beproevingen en tests. Velen van ons zullen het oog in eerste instantie gericht houden op de huidige ICT en de huidige toepassingen, in te zetten op een manier die alle betrokkenen positief stemt. Dat daarbij nieuwe beloftevolle ontwikkelingen vlak achter de horizon gloren – en deels nu al bruikbaar zijn – biedt een mooi perspectief.

Bookmark and Share

DepartureWUR Op 1 september 2014 vertrokken Robert-Jan Sips en Gert Jan Keizer vanuit Amsterdam om een samenwerking op te zetten met Russische en Centraal Aziatische universiteiten om gezamelijk de waterproblematiek in Centraal-Azie een halt toe te roepen, onder de vlag van Stichting Dutch Courage

De Waterproblematiek in Centraal Azie wordt het meest gekenmerkt door het verdwijnen van de Aralzee. De Aralzee is een binnenzee die in 1960 nog een gebied ter grootte van Ierland besloeg en sindsdien geleidelijk is opgedroogd, totdat hij dit jaar bijna geheel verdween, zoals afgelopen zomer werd gerapporteerd door NASA.

Een eeuw geleden was het meer rijk aan vis en leefden de mensen die aan de oevers woonden van de visvangst. In 1989 was alle vis verdwenen, door het toenemende zoutgehalte van het uitdrogende meer en was de bodem van het meer veranderd in een giftige, zoute woestijn, geteisterd door een extreem landklimaat. Het meest zichtbaar is dit in de stad Muynaq, waar de resten van de vissersvloot liggen te roesten op het terrein dat eens de haven was en de meeste huizen zijn verlaten en vervallen.

Om te begrijpen hoe dit zover heeft kunnen komen, is enige kennis van waterhuishouding en de economie van het gebied noodzakelijk. De meeste rivieren op de wereld komen uit op een zee of oceaan, waardoor vervuilende stoffen (zoals zout) over een groot oppervlakte worden verspreid. Andere rivieren komen uit op een binnenzee, zoals de Aralzee, die geheel omsloten is door land. Het water kan daaruit dus alleen verdwijnen door verdamping, waardoor binnenzeeen zeer gevoelig zijn voor vervuiling. Een goed voorbeeld van vervuiling door zout is de Dode zee.

Centaal Azie wordt gekenmerkt door een woestijnklimaat, met extreem weinig neerslag. De Aralzee wordt gevoed door 2 rivieren; de Amu Darya en de Syr Darya, die smeltwater aanvoeren vanuit de hoge Pamir en Tien-Shan bergen. Tot in de 20ste eeuw was de Aralzee een zoetwatermeer, met veel eilanden (Aral = zee van eilanden). Toen ging het echter mis. Waarom? Irrigatie voor de katoenproductie.

Al sinds de tsarentijd werd er in Centraal-Azie geirrigeerd voor de katoenproductie. Rond 1917 was er een gebied ter grootte van Nederland in beslag genomen door katoenvelden. Omdat de lokale boeren wisten dat er zout zit in het grondwater en in de bodem, legden ze ondergrondse gangen aan om deze velden te irrigeren, waardoor het water gescheiden bleef van het zout in de bodem en het grondwater.

Na de stichting van de Sovietunie ging de vraag naar katoen echter sterk omhoog. Om hierin te kunnen voorzien legden Soviet ingenieurs grote dammen en kanalen aan in de Syr Darya en Amy Darya en maakten de katoenvelden drijfnat, om het katoen zo snel mogelijk te laten groeien, zonder dat dit water goed kon worden afgevoerd. Hierdoor ging veel water uit de rivieren verloren door verdamping en, wat er aan vervuiling en zout in het water had gezeten bleef in de bodem achter. Hierdoor raakte de grond langzaam onvruchtbaar en droogde de Aral zee uit, door het overmatig aftappen van water uit Amu en Syr Darya.

De gevolgen voor mens en dier van het uitdrogen van de Aralzee waren enorm. Het zoetwaterleven in het meer werd onherroepelijk vernietigd, het klimaat van de gehele regio (voorheen gematigd door de nabijheid van de zee) veranderde in een extreem landklimaat en de achtergebleven bewoners hebben te kampen met armoede en ziektes, door de vervuilde omgeving, die zich steeds verder uitbreidt (tot honderden kilometers in de omtrek) door de veelvuldige zout- en zandstormen in het gebied.

Helaas staat de ramp met de Aralzee niet op zichzelf. Wereldwijd worden, onder druk van de toegenomen vraag naar landbouwproducten door de immer groeiende wereldbevolking, vele gelijksoortige ecosystemen bedreigd, de bekendste zijn het Tsjaadmeer in Nigeria en het Balkhashmeer in Kazakhstan.

De gevolgen voor de natuur zijn duidelijk zichtbaar. Niet minder dan 50% van de dierpopulatie wereldwijd is verdwenen gedurende de afgelopen 40 jaar, concludeert het WNF in haar laatste “Living Planet Report”, de hardste klappen, niet verwonderlijk, bij de zoetwaterdieren; met een gemiddelde afname in populatie van bijna 80%.

Deste wranger zijn deze getallen, wanneer je beseft dat het door middel van relatief simpele technologie mogelijk is om het watergebruik in de landbouw (verantwoordelijk voor 96% van het wereldwijde watergebruik) met zo’n 30% terug te dringen. Door het meten van de vochtigheid op verschillende punten in de akker en deze metingen te combineren met data-analyse en weersvoorspellingen, kan een advies gegeven worden aan boeren waar en wanneer te bewateren. Deze technologie hiervoor is momenteel echter te onbetrouwbaar, duur en complex voor wereldwijde adaptie door de vaak arme en ongeschoolde boeren in de bedreigde gebieden.

Poseidon

Het Poseidon project probeert hierin door middel van vrij toegankelijke technologie verandering aan te brengen. Deze technologie moet echter wel ontwikkeld worden en snel! Gesteund door vrijwillgers bij IBM en de TU Delft vertrokken Sips en Keizer naar Rusland en Centraal Azie om hulp te zoeken bij locale technische universiteiten om gezamelijk deze technologie te ontwikkelen en niet zonder succes!

IMG-20141028-WA0033Vrijwillgers bij IBM de basis voor het systeem, met een bijbehorende set tutorials ontwikkeld (http://www.ibm.com/developerworks/cloud/library/cl-poseidon1-app/index.html). En na gastcolleges bij de Ruslands beroemde technische universiteiten Bauman (Moskou Technische Staats Universitieit) en Novosibirsk (Novosibirsk Staatsuniversiteit) en de nieuwere universiteiten in Kazakhstan en Kyrgizie (Turan University en International IT University in Almaty en Kyrgyz Technical State University en  Kyrgyz State University of Construction, Transportation and Architecture) staat een groep studenten en wetenschappers te trappelen om mee te werken.

Voor meer informatie zie www.dutchcourage.org en www.poseidonproject.org

Bookmark and Share
December, 30th 2014
10:15
 

Dit artikel is afkomstig uit de december editie van ons relatiemagazine. ibm.com/inspire/nl.

Dit artikel is afkomstig uit de december editie van ons relatiemagazine. ibm.com/inspire/nl.

Automatisch noodoproepsysteem vanaf oktober 2017 verplicht in EU

Een auto die het kanaal inrijdt, een nachtelijk ongeluk waarbij de bestuurder ongemerkt overlijdt in de berm, een onwel geworden automobilist die frontaal tegen een boom botst ‒ enkele recente dodelijke verkeersongevallen waar snelle hulp het verschil had kunnen maken. Met eCall kunnen hulpdiensten ongeveer 50-60% sneller ter plaatse zijn. Daarom moet vanaf oktober 2017 elk nieuw type auto in Europa uitgerust zijn met dit noodoproepsysteem. Zo kunnen we het aantal Europese verkeersdoden met ongeveer 2.500 per jaar verminderen.

Vindt er een ongeluk plaats? Dan stuurt eCall automatisch een bericht naar de centrale hulpdienst met de belangrijkste gegevens, zoals de locatie en het aantal inzittenden. eCall werkt via on board units met chiptechnologie van onder andere NXP Semiconductors en op basis van IBM-software. Bij een ongeluk stuurt de eCall-unit via een interne sim-kaart en het mobiele telefoonnetwerk automatisch een databericht naar het nationale hulpdienstcentrum. Deze Minimum Set of Data (MSD) bevat onder andere de GPS-locatie, het chassisnummer en de rijrichting. Daarnaast belt eCall automatisch het Europese noodnummer 112. De bestuurder hoeft hier niets voor te doen – vaak is hij daar ook niet toe in staat na een ongeluk. Wordt een bestuurder opeens onwel, dan kan hij ook handmatig eCall in gang zetten door op de noodknop te drukken. Per 1 oktober 2017 verplicht de Europese Unie (EU) autofabrikanten om elk nieuw voertuig te voorzien van eCall. 112-alarmcentrales moeten 1 april 2017 klaar zijn voor eCall. Het systeem is inmiddels uitvoerig getest in de hele EU.

Veel auto’s met eCall gebruiken IBM-software voor de gegevenstransitie naar de back-office en analyseren van deze autodata. “Dat is niet voor niets, want eCall bevindt zich in het hart van onze strategie: innovatie op basis van Big Data, Analytics en Mobile”, zegt Eric-Mark Huitema, Global Manager Smarter Transportation bij IBM. “Daarnaast zet IBM haar kennis en ervaring van oudsher graag in voor projecten met een duidelijke maatschappelijke meerwaarde.” IBM ziet veel toekomstmogelijkheden voor connected car-functies op basis van eCall-technologie. “Bijvoorbeeld opt-in-diensten voor preventive maintenance, het aan de overheid doorgeven van gaten in de weg of melden van potentieel gevaarlijke verkeersituaties zoals mogelijk overstekende schoolkinderen.”

Stand van zaken
Eerder was 1 oktober 2015 de datum waarop Brussel eCall verplicht stelde voor nieuwe autotypes. Deze datum is onlangs verplaatst naar 1 oktober 2017. “Veel autofabrikanten zijn al intensief bezig met eCall. Wij weten dat verschillende producenten eCall-diensten nu al, dus ver voor 1 oktober 2017, aanbieden”, zegt Maurice Geraets, Directeur New Business bij NXP Semiconductors. De EU juicht deze ontwikkeling toe – hoe eerder, hoe beter. Met eCall bespaart Europa naar schatting namelijk 26 miljard euro op jaarbasis. Daarvoor zijn volgens Geraets drie hoofdreden. “Door eCall zijn er minder verkeersdoden. Daarnaast dalen de zorgkosten aanzienlijk. Tot slot verbetert de verkeersdoorstroming omdat na een ongeluk de weg sneller weer vrij is.”

“Het Ministerie van Veiligheid en Justitie overweegt deelname aan een Europees project dat er voor moet zorgen dat de 112-centrale op tijd is aangepast voor de ontvangst en afhandeling van eCall. Het project richt zich vooral op het verbeteren van de ICT-infrastructuur bij Europese 112-alarmcentrales”, zegt Jan van Hattem, Projectleider eCall bij Rijkswaterstaat. “Als het Ministerie van Veiligheid en Justitie tot deelname besluit, neemt ook het Ministerie van Infrastructuur en Milieu aan het project deel. Europese bedrijven en organisaties kunnen aangeven hoe ze kunnen bijdragen aan het verbeteren van eCall of andere connected car-functionaliteit, bijvoorbeeld door een datakoppeling voor digitale vrachtbrieven te realiseren. Het EU-project staat open voor alle ideeën en partnerships.” Met het plan is ongeveer 50 miljoen euro gemoeid. Naar verwachting keurt het Europese Parlement het begin 2015 goed.

In Nederland

“Doorberekend naar Nederland zorgt eCall voor tien tot vijftien minder verkeersdoden per jaar. De noodketen wordt efficiënter omdat het ongeval direct bekend wordt met juiste locatie. Ook zijn er enkele efficiencyvoordelen in cijfers uit te drukken”, zegt Van Hattem. “eCall vermindert het aantal voertuigverliesuren met minstens een miljoen.” Veel autofabrikanten zoals BMW, Volkswagen en Volvo voorzien nieuwe typen auto’s al van connected car-functionaliteit zoals eCall. Ook in Japan, Rusland en de VS wordt een variant van eCall verplicht. “Autoproducenten zagen eCall eerst als een verplichting om units in te bouwen en dus om investeringen te doen. Nu zien ze steeds meer de connected car-mogelijkheden van de ingebouwde eCall-componenten, zoals WiFi en telefoon. Hiermee kunnen ze automobilisten op verschillende manieren extra service, comfort en veiligheid bieden.”

Privacy
Bij een ongeluk geeft eCall de voertuiggegevens door, geen persoonsgegevens van de bestuurder of passagiers. Daarnaast verstuurt eCall deze data alleen wanneer er daadwerkelijk een ongeluk plaatsvindt. “In dat geval wegen de voordelen op tegen de eventuele privacygevoelige nadelen. Bovendien identificeren hulpdiensten de passagiers ter plekke toch wel”, aldus Geraets. In de toekomst kan eCall ook een bredere dataset doorspelen. Deze Full Set of Data (FSD) bevat bijvoorbeeld het aantal in werking getreden airbags, aantal personen zonder gordel en eventueel persoonlijke gegevens van de eigenaar, bijvoorbeeld de bloedgroep en leeftijd. Ook kan eCall een verwijzing naar een externe database doorgegeven met medische info of actuele ladingsgegevens. Huitema: “Dit is niet verplicht, maar optioneel, net als allerlei andere Connected Car-services zoals internet based verkeersinformatie. De auto-eigenaar kan deze extra service zelf aan- en uitzetten.”

eCall is een dienst die mogelijk wordt door de connected car: een auto die via draadloze netwerken verbonden is met internet en met andere voertuigen in de buurt. In de toekomst zullen fabrikanten hun auto’s voorzien van steeds meer connected car-functionaliteit. Vanuit veiligheidsoogpunt zien NXP en IBM daarbij vooral een belangrijke rol weggelegd voor auto-autocommunicatie. Geraets: “Via een WiFi-variant voor automotive kunnen auto’s onderling gegevens uitwisselen, bijvoorbeeld over hun snelheid. Remt er een vrachtwagen 300 meter verderop? Dan kan een auto daarop anticiperen door automatisch zijn snelheid aan te passen. Zo kan slimme technologie ons nog een stap verder brengen in het verbeteren van de verkeersveiligheid.”

Bookmark and Share
December, 10th 2014
10:00
 

Posted by
Guest in

De Nederlandse politica Angelien Eijsink maakt deel uit van de Partij van de Arbeid. Namens die partij is ze sinds 2003 Tweede Kamerlid voor Defensie.

“Mijn eerste baan was kleuterleidster”,

steekt Angelien Eijsink van wal. “Ik werkte met gehandicapte kinderen op de Filipijnen. Ik was toen 19, vond het fantastisch en leerde mijn kwaliteiten en capaciteiten kennen. Zo on

De Nederlandse politica Angelien Eijsink maakt deel uit van de Partij van de Arbeid. Namens die partij is ze sinds 2003 Tweede Kamerlid voor Defensie.

De Nederlandse politica Angelien Eijsink maakt deel uit van de Partij van de Arbeid. Namens die partij is ze sinds 2003 Tweede Kamerlid voor Defensie.

tdekte ik gaandeweg dat ik meer een ‘doener’- type ben. Wel ondervond ik in die tijd als kleuterleidster, dat als ik dingen echt wilde begrijpen ik ook moest gaan studeren. Uiteindelijk heb ik – toen ik 31 of 32 was – mijn eerste opleiding gevolgd. Dat was een heel bijzondere ervaring voor mij, want ik had daarvoor al 12 jaar fulltime gewerkt. Hoe moest ik dit nu weer aanpakken? Zo is mijn loopbaan eigenlijk altijd geweest. Er komen interessante uitdagingen op mijn pad en daar werk ik dan hard voor.”

Verbindingen

Dankzij haar ervaringen kan Angelien Eijsink combinaties maken die iemand zonder praktijkervaring enkel op abstract niveau ervaart. Zij maakt verbindingen. “Ik heb veel met verbindingen, ‘doendenken’ en vervolgens bedenken wat je ermee kunt. Toen ik na mijn studie op het ministerie van Buitenlandse Zaken terechtkwam, was dat voor mij een compleet nieuwe ervaring. Hier heb ik heel veel geleerd. In tegenstelling tot de hands-on mentaliteit in het onderwijs, trof ik hier veel collega’s die vanuit wetenschappelijke abstractieniveaus en referentiekaders acteren. Desalniettemin merkte ik dat ook bij de overheid heel wat mensen denken vanuit dat ‘doen’ en echt samenwerken.” Hoe je samenwerkt en kennis deelt, wordt volgens Angelien Eijsink in grote mate bepaald door je karakter. In haar rol als voorzitter van de commissie vindt zij het essentieel om nieuwe commissieleden zo snel mogelijk op het juiste kennisniveau te krijgen. Zodat gebrek aan kennis niet het nemen van beslissingen zowel in kwaliteit als snelheid in de weg staat.

Hoewel zij als topvrouw in de politiek onderschrijft dat er verschillen zijn tussen mannen en vrouwen en dat ze met zaken verschillend omgaan, is het delen van kennis wat haar betreft niet gendergerelateerd. Wel de wijze waarop. “De kennis die je opdoet in de politiek, hoort bij je partij. Als je kennis deelt, komt dat je partij ten goede. Iedereen kent wellicht de uitdrukking ‘Kennis is macht’. Daar zou ik graag een uitspraak van Defensie aan willen toevoegen:

‘Kennis is macht, maar karakter is meer’.

Je hebt beide namelijk nodig”, besluit ze. “Als je de kennis hebt, dan is de volgende stap om die kennis te delen.” Enkel wie daartoe bereid is, werkt mee aan echte innovatie.

 

Bookmark and Share
December, 5th 2014
13:22
 

Waar zelfs Sint al een jaar met rijkende hals naar uitkijkt
is die eindejaars rijm die bij hem op de schoornsteenmantel prijkt

HIj heeft daar zo zijn eigen procesje voor, al eeuwenoud
gewoon schrijven met potlood en papier, zonder ook maar één stukje Cloud

Ja, het kan nog, want zelfs in de tijd van i-Phone en Pad, Mini of Plus
is het rijmen en dichten voor de Sint nog steeds een handmatige klus

Maar zelfs hij was wat verbaasd van die  vrijerij tussen IBM en Apple
stuurde, toen hij het hoorde, pardoes die arme Americo in de greppel

Toen, bij het nog eens overdenken, dacht Sint, “Verdorie, da’s niet eens gek, dit plan,
want Apple is goed in look-n-feel, maar IBM weet wat een industry goed kan”

En als dat nou eens samenkomt in prachtige mooie apps voor bedrijven
dan kan een daverend succes natuurlijk niet lang uitblijven

Veel IBMers kijken echter rijkhalzend uit naar een mooi iPad of MacBook
die IBM hopelijk voor hun achterlaat bij een bezoek

Het hele Apple verhaal past mooi in de grote gedachte van Mobile
dat nu zo’n beetje geïntegreerd is in elke levenstijl

Men appt, Facebookt en doet van alles op zo’n ding
en menig had nog nooit zo’n grote kennissenkring

91% van de mensen die zichzelf met een smart phone heeft verrijkt
hebben het kleinnood maar liefst 24 uur per dag binnen handbereik

Sint vraagt zich stilletjes af hoe die mensen dan douchen of eventjes lekker sexen
want als tijdens de daad zo’n ding maar piept en trilt, zal het bij menig man alles doen relaxen

Maar goed, daar gaat Sint verder dan ook niet over peinzen
want er waren meer dingen waar hij over kon grijnzen

Behalve Apple was er ook een samenwerking met SAP en zelfs met Microsoft
waardoor er vele oude herinneringen keurig werden afgestoft

Deze keer ging het niet om het al oude DOS of iets van dien aard
maar werd er een interessante samenwerking aanvaard

waarbij beide bedrijven hun software op elkaars Cloud aanbiedt
en deze samenwerking is iets wat Sint graag ziet

En over Cloud gesproken, wat was dat nou weer voor een pret
de BlueMix Cloud werd door IBM eventjes krachtig in de markt gezet

Met een paar klikken en klakken een werkende applicatie up and running
zonder dat je ook maar een financiele verplichting van hard- of software aanging

Schaalbaar van Montpellier tot aan Coevorden
en pas betalen als er echt gebruikt gaat worden

En dan hebben we natuurlijk ook het hele Watson-gebeuren
waar heel IBM mee loopt te leuren

Het super-slimme systeem dat antwoorden weet op al uw vragen
en die blijkbaar desgevraagd de CEO van IBM heeft laten wagen …

In 2015 zullen Internet of Things en nog meer nieuwe technieken
voelen als snel ronddraaiende molenwieken

zaak is om mee te draaien en er geen klap van te incasseren
maar constant kennis en strategie te actualiseren

Dus, beste mensen, wees voorbereid op een roerig jaartje jagen
maar voor nu, er nog even hard tegen aan, en dan genieten van de feestdagen

Sint

Bookmark and Share

Subscribe to this blog Subscribe to this blog